#1
Mijn broertje heeft nog een zus.
Die niet mijn zus is.
Ze dreigen haar te verliezen aan kanker. Eerst was er er niets meer aan te doen, toen misschien toch nog een beetje.
Maar echt beter wordt ze niet meer. Haar lijf is nu al stuk.
Niemand ‘mag’ huilen, dat is hoe de jeugd met kanker omgaat. Elke dag feest.
Ik snap wel dat hij nu uit machteloosheid alles wil doen om mij niet kwijt te raken. Mijn lijf is gezond, mijn geest soms niet.
Maar ik ben als een zeepje. Als je te hard in mij knijpt, dan glibber ik weg.
De hele familie komt in een gekke spagaat. Ik zal blij zijn als oudste broer terug is van vakantie. Hopelijk brengt dat wat lucht.
Die niet mijn zus is.
Ze dreigen haar te verliezen aan kanker. Eerst was er er niets meer aan te doen, toen misschien toch nog een beetje.
Maar echt beter wordt ze niet meer. Haar lijf is nu al stuk.
Niemand ‘mag’ huilen, dat is hoe de jeugd met kanker omgaat. Elke dag feest.
Ik snap wel dat hij nu uit machteloosheid alles wil doen om mij niet kwijt te raken. Mijn lijf is gezond, mijn geest soms niet.
Maar ik ben als een zeepje. Als je te hard in mij knijpt, dan glibber ik weg.
De hele familie komt in een gekke spagaat. Ik zal blij zijn als oudste broer terug is van vakantie. Hopelijk brengt dat wat lucht.