#1
Was van de week op de markt voornamelijk groente, kaas, noten, vlees en vis!
Jammer, maar herkenbaar. Ik denk dat 9/10 mensen het spul ook niet test voordat ze het gebruiken en de review schrijven als ze high zijn 🤣Test uitslag binnen. 3mmc van het DW, was geen 3 mmc, maar 3cmc als hoofd component en nog een klein gedeelde chloride…huppeldepup. Troep dus, ga het ook niet meer bij een andere vendor kopen, dadelijk 10 grammetjes en 100en euros verder, alleen op zoek naar een grammetje 3mmc.
Was ook te mooi om waar te zijn.Jammer
Jammer, maar herkenbaar. Ik denk dat 9/10 mensen het spul ook niet test voordat ze het gebruiken en de review schrijven als ze high zijn 🤣
Toen ik mijn vendor een bericht hierover stuurde antwoordde hij: “prove it.” - tja dat is lastig als je geen geprinte versie van de uitslag meekrijgt. Ze weten precies wat ze doen joh, de ratten.
Misschien beetje off topic maar bestaan er geen testjes die kunnen aantonen of het 3mmc of cmc is?
In principe is het thuis ook nog wel mogelijk om thin layer chromatografie (TLC) te gebruiken om te checken of er meerdere drugs in een zakje zitten.Daarvoor zul je naar een drugstestservice moeten. Zij hebben toegang tot de nauwkeurigste meetapparatuur.
Normaal gesproken zou je thuis ook een reagenstest kunnen doen. Wanneer zo'n reagens in aanraking komt met een stof, verandert de kleur (of juist niet). Voor de meeste stoffen is te vinden hoe de kleur verandert (of hoe deze dus juist niet verandert). Zo kun je kijken of deze kleurverandering overeenkomt met jouw sample. De x-MMC's hebben allemaal vrijwel gelijke kleurveranderingen met de Mandelin- en Liebermann-reagensen, net zoals de x-CMC's. Je kunt dus kijken of jouw sample mogelijk een x-MMC of een x-CMC is. Daar zit dus ook het probleem: 2-MMC (een nog legale research chemical met minder effect) heeft dezelfde verkleuring als 3-MMC en 4-MMC. Uiteindelijk weet je dus nog niet of je echte 3-MMC of 4-MMC te pakken hebt. Ik heb het niet uitgezocht, maar het zou in principe ook nog kunnen dat jouw sample een andere stof bevat waarvan de verkleuring gelijk is aan die van iets wat geen x-MMC is.
Welke opleiding heb je gedaan als ik mag vragen ?In principe is het thuis ook nog wel mogelijk om thin layer chromatografie (TLC) te gebruiken om te checken of er meerdere drugs in een zakje zitten.
Daarbij maak je gebruik van een plaatje met twee lagen (soms gewoon papier en glas). Elke stof verplaatst zich met een andere snelheid over beide materialen. Daardoor gaan vloeibare mengsels zich scheiden op een TLC-plaat. Zo kun je dus zien of er verschillende stoffen aanwezig zijn.
Je zou TLC dan kunnen combineren met een reagenstest, zodat je iets meer kunt zeggen over wat er mogelijk in zit.
Het is alleen wel zo dat reagenstesten slechts een eliminerende test zijn. Je kunt op basis van de resultaten alleen bepaalde mogelijkheden uitsluiten (bijvoorbeeld: het is in ieder geval geen MDMA). Maar kunt op basis van een reagenstest niet zeggen met welke stof je te maken hebt omdat verschillende stoffen hetzelfde resultaat kunnen geven.
In laboratoria werken ze meestal met apparaten (GC-MS of HPLC) die verschillende testmethodes tegelijkertijd toepassen en de resultaten zo nauwkeurig meten dat ze met 99,99% zekerheid kunnen zeggen welke stoffen er in de sample zitten en hoeveel (dus zowel kwalitatief als kwantitatief).
Er bestaan ook apparaten (NMR) die aan de hand van magnetisme de aanwezigheid van (waterstof- of koolstof-)atomen kunnen meten. In principe geeft dat een preciezer testresultaat omdat je de stof dan rechtsreeks kunt meten. Maar met een NMR is het weer lastiger om de inhoud van onbekende mengsels te achterhalen omdat het apparaat alles tegelijkertijd meet en daardoor moeilijker onderscheid kan maken tussen elektromagnetische activiteit die door verschillende stoffen tegelijkertijd wordt veroorzaakt.
Bovendien duurt een test met NMR relatief lang, en kun je met GC-MS of HPLC een hele serie tests tegelijkertijd uitvoeren. Daardoor wordt er meestal voor GC-MS gekozen als testapparaat, of HPLC als een heel precieze meting nodig is.
Tegenwoordig wordt er bij het testen van drugs ook vaak FTIR gebruikt. Dat zijn apparaten waarin een laser zit, en die kijkt hoe een sample het licht terug reflecteert. Elke stof heeft namelijk een unieke vingerafdruk in het spectrum van het licht dat het weerkaatst. Zo'n FTIR is daarom veel gemakkelijker en goedkoper toe te passen. Een nadeel is wel dat FTIRs niet zo precies kunnen meten hoeveel van een stof ergens in zit. En de resultaten interpreteren is ook lastig als er meerdere stoffen tegelijkertijd in de sample aanwezig zijn.
Het Nederlandse drugstestsysteem (DIMS) werkt daarom met een combinatie van GC-MS, HPLC, en FTIR. De FTIR wordt gebruikt voor herhalende tests van samples die regelmatig worden aangeleverd, bijvoorbeeld om te checken of er een nieuwe batch van een bepaald type xtc-pil in omloop is gebracht die een andere inhoud heeft. De GC-MS wordt gebruikt om zorgvuldig te testen, en de HPLC is nodig om LSD betrouwbaarder te kunnen testen (omdat LSD in extreem lage dosis al tripeffecten veroorzaakt). Elke week wordt weer een nieuwe afweging gemaakt welke samples getest moet worden met welk apparaat. Zo wordt een optimale verhouding gezocht tussen zekerheid over de uitslag, en het aantal uitvoerbare tests dat met een vooraf bepaald budget kan worden gedaan.
Drugsologie 😂Welke opleiding heb je gedaan als ik mag vragen ?
Maar je hebt geen diploma richting scheikunde? Ik heb zelf wo scheikunde gestudeerd 😉Drugsologie 😂
Althans, ik ben wel eens informeel op dit forum uitgeroepen tot professor in de drugsologie.
Sorry ik doe nooit mededelingen over persoonlijke gegevens zoals woonplaats, opleiding, werk, of leeftijd. Dat zou tot herleidbaarheid kunnen leiden.Maar je hebt geen diploma richting scheikunde? Ik heb zelf wo scheikunde gestudeerd 😉
Nou geen van beiden eigenlijk. Ik vond het geinig om hier over NMR te lezen. Je weet er duidelijk het een en ander van dus daarom was ik benieuwd naar je achtergrond. Ik ben ook geen expert als het gaat over analyse technieken maar je uitleg over NMR en FTIR is wel een beetje kort door de bocht.Sorry ik doe nooit mededelingen over persoonlijke gegevens zoals woonplaats, opleiding, werk, of leeftijd. Dat zou tot herleidbaarheid kunnen leiden.
Het voordeel daarvan is dat ik ook geen beroep op autoriteit kan doen als drogreden voor waarom mensen naar me zouden moeten luisteren.
Toch ben ik wel benieuwd naar de reden van je vraag 😁
Is het zo van 'huh hoe weet hij dit?'
Of meer zo van 'huh wat doet hij nou alsof 'ie iets weet?!'
Haha top! Ja nee zo leer ik er weer meer over inderdaad. En door dat gewoon vaak te doen heb ik in de loop der jaren best nog wat geleerd. Scheikunde was op de middelbare school in ieder geval mijn favoriete vak 😁Nou geen van beiden eigenlijk. Ik vond het geinig om hier over NMR te lezen. Je weet er duidelijk het een en ander van dus daarom was ik benieuwd naar je achtergrond. Ik ben ook geen expert als het gaat over analyse technieken maar je uitleg over NMR en FTIR is wel een beetje kort door de bocht.
Met proton (H) NMR kan je voornamelijk de chemische omgeving bepalen van waterstof atomen binnen een organisch molecuul en dat kan je helpen met structuuropheldering. Je past inderdaad een sterk magnetisch veld toe waarmee je de kernspin van de protonen kan sturen (met het veld mee of tegen het veld in) en waarbij de atoomkernen naar hogere kwantumniveaus kunnen springen (excitatie). Bij relaxatie naar lager gelegen energietoestanden komt energie vrij, en dat kan je meten. Functionele groepen of andere substituenten beïnvloeden weer de mate waarin die relaxatie gelezen kan worden op basis van een verschil in electronegativiteit. Je ziet dus eigenlijk in je spectrum de hoeveelheid protonen die de naburige koolstofatomen bezitten.
FTIR stuurt licht van een hoge golflengte (infrarood) je monster in, waardoor hogere vibratie modi (elke functionele groep of alkaan achtige structuur vibreert anders afhankelijk van o.a. de geometrie) worden aangeslagen binnen je molecuul. Het teruggekaatste licht kan je uitlezen en met een wiskundige bewerking (de fourier transform, FT) omzetten in een spectrum waarbij verschillende pieken verschillende functionele groepen vertegenwoordigen (een amine zal bijvoorbeeld ergens anders opduiken dan een carbonyl). Het klopt dus dat elk molecuul een fingerprint heeft. In de praktijk zijn er databanken waar je jouw spectrum kan invoeren en dan komt je molecuul eruit gerold. Op basis van FTIR alleen is structuuropheldering moeilijk als je geen referentie hebt.
Ik wil verder niet de betweter uithangen maar ik dacht dat iemand zoals jij met duidelijk veel affiniteit voor scheikunde het mss interessant zou vinden.
Ik heb nogmaals "3mmc" getest van een andere bron, ook dit bleek wat anders te zijn (2MMC) namelijk.Ik heb mijn "3MMC" ook getest maar bleek dus 3CMC te zijn.

Scheikunde en vooral organische chemie is super interessant.Dus doe maar zo betweterig mogelijk wat betreft scheikunde, vind ik alleen maar mooi 😁
Volgens mij wordt de precursor daarvoor oorspronkelijk uit een schimmel gewonnen. Dan ben je er alleen nog lang niet. Weet trouwens niet of dat nog steeds zo gedaan wordt in de praktijk, waarschijnlijk kopen ze andere precursoren die al wat verder zijn want die schimmel is erg giftig. Het is in elk geval een stuk ingewikkelder dan het maken van relatief simpele moleculen zoals amfetaminen.Ik heb nog wel eens het boek Practical LSD Manufacture gekocht, maar dat ga ik toch maar even niet proberen. Holy fuck dat is wel een complexe en gevaarlijke synthese
Wel interessant om te lezen wat er allemaal bij komt kijken en welke grondstoffen ervoor nodig zijn.
Ik heb nogmaals "3mmc" getest van een andere bron, ook dit bleek wat anders te zijn (2MMC) namelijk.
Ik heb nog wel eens het boek Practical LSD Manufacture gekocht, maar dat ga ik toch maar even niet proberen. Holy fuck dat is wel een complexe en gevaarlijke syntheseScheikunde en vooral organische chemie is super interessant.
Het startpunt is óf ergotamine, óf LSA (gewonnen uit morning glory of hawaiian baby woodrose). Daarbij is ergotamine best lastig, want dan heb je minimaal een hectare aan rogge beschimmeld met claviceps pupurea nodig om een fatsoenlijke synthese uit te voeren. Het nadeel van LSA is dat die syntheseroute leidt tot een mengsel van iso-LSD en LSD. Die enantiomeren zijn lastig te scheiden, en LSD wil niet kristalliseren als het niet goed geïsomeriseerd is. Het voornaamste nadeel van ongekristalliseerde LSD is dat de base van LSD vrij reactief is, terwijl LSD-tartraat vrij stabiel lijkt.Volgens mij wordt de precursor daarvoor oorspronkelijk uit een schimmel gewonnen. Dan ben je er alleen nog lang niet. Weet trouwens niet of dat nog steeds zo gedaan wordt in de praktijk, waarschijnlijk kopen ze andere precursoren die al wat verder zijn want die schimmel is erg giftig. Het is in elk geval een stuk ingewikkelder dan het maken van relatief simpele moleculen zoals amfetaminen.
"AI Samenvatting is momenteel niet beschikbaar (Service offline)."