"eerst en vooral, de elementen in een verbinding zeggen niks over de toxiciteit, de werking, het gevaar...
je kunt uit ongevaarlijke dingen gevaarlijke dingen maken en omgekeerd
NaCl is zout, ongevaarlijk: Na ontploft in water, Cl-gas is keidodelijk
H2O (water): H-gas ontploft en O-gas brandt ook, en water niet
bovendien maak je uit zoutzuur (HCl) en ontstopper (NaOH) zout en water.
dat is juist de definitie van chemie: eigenschappen van verbindingen veranderen door ze samen te voegen
Voor een medicijn op de markt komt worden er 1000en analoga gemaakt, dat zijn molecules die een heel klein beetje verschillen, Cl ipv Br of F. Een beetje langer, korter, breder...
En daaruit wordt dan de molecule gekozen die het beste werkt, het minst giftig is, het goedkoopst etc.
Over het algemeen zullen deze analoga in de brede zin wel hetzelfde effect hebben. Als je de Pikhal/Tikhal boeken van shulgin bekijkt, is dat zeer duidelijk. Tryptamines of phenetylamines hebben gelijkaardige effecten, maar kunnen naargelang de toeters en bellen die er op staan, en bijgevolg anders inwerken op je lichaam en andere (zwak/sterk, audio/visuele hallucinaties...) effecten veroorzaken.
En de reden waarom halogenen (fluor, chloor, broom, jood)in medicijnen gebruikt worden is omdat die chemisch gezien zeer eenvoudig kunnen ingevoerd worden in molecules, organische molecules met ijzer of goud zijn gewoonweg niet aan te maken. Daarnaast kan ook zwavel gemakkelijk ingevoerd worden (sulfor of thio) en OH(hydroxyl) en dat zal het zowat zijn.
Molecules met fluor (en in mindere mate broom, chloor, jood.. ) in hebben nog een extra interessante eigenschap, ze worden niet gemakkelijk afgebroken, aangezien het lichaam molecules met fluor niet kan afbreken en niet weet wat er mee te doen. Daardoor blijft deze langer in je bloed, in hoge doses wat voor een sterk effect zorgt (in vergelijking met dezelfde molecule zonder F).
een gekend voorbeeld is flunitrazepam (rohypnol), 2mg pilletjes met zeer sterke effecten (in vgl met andere benzodiazepines)
Aan de andere kant is het inderdaad belangrijk dat tijdens de productie van het geneesmiddel alle broom, chloor, jood en fluor dat niet aan je molecule hangt verwijderd wordt. Maar dat geldt voor zeer veel verbindingen die gebruikt worden tijdens de synthese. Een geneesmiddel kan eenvoudig 30 reacties nodig hebben tegen dat het af is. En elk stap kan een anders solvent (benzeen, tolueen, methanol, aceton, pertroleum, ether...) , zuren (zwavelzuur, zoutzuur...), basen (ontstopper/NaOH), hulpstoffen, reagentia (vb broom of chloor) vereisen. Bovendien kunnen tijdens de reacties allerlei giftige nevenproducten onstaan. Deze moeten allemaal verwijderd worden zodat enkel het gewenste product overblijft.
en zelfs dan kan het nog heel mis lopen, denken we maar aan de softenon(thalidomide)-zaak van enkele 10tallen jaren geleden: er werden tijdens de productie 2 identieke vormen van een molecule gevormd (elkaars spiegelbeeld). een R-vorm en een S-vorm, die over het algemeen hetzelfde effect hebben en niet eenvoudig kunnen gescheiden worden. Maar in dit geval werkte een van de 2 vormen goed en de andere vorm zorgde voor geboorteafwijkingen bij kinderen, wat zeer vervelend is voor een middel dat wordt voorgeschreven tegen zwangerschapsmisselijkheid..."