shit man.. heftig.. ik wens je een snel en goed herstel toe đ§Ą
#2
Een verzorgd tripje op de brancard.
Ik ben net enkele dagen terug van het Bredase carnaval. Als nog niet gevaccineerde was het voor mij even wennen om door de stroperige menigte voortbewegen. Met de kans om het op te lopen en niet weten hoe het voor mij zich uitpakt. Hoewel carnavalsmuziek niet mijn muziek is en ik normaal er wel op kans dansen, blijf het bij mij op ongemakkelijk houterig bewegen.
Enkele vrienden merken bij mij op dat ik beter ben gaan lopen sinds de laatste keer zij mij hebben zagen. Toen nog op een van de festivals. In die korte tijd ben ik een aantal keren aan mijn been geopereerd waardoor ik slechter ben gaan lopen. Meer zwalkend en extreme vermoeidheid in de benen. Zoveel vermoeidheid dat ik tijdens vaker op de grond zat dan aan het dansen was. Nu drie jaar revalideren merk ik dat ik langer kan lopen en meer kracht heb.
En nu ben ik op weg voor een aantal onderzoeken in het Erasmus ziekenhuis. Voordat ik mijn huis verlaat vul ik tijdens een vlug ontbijt de vragenlijst voor het MRI onderzoek in. Ik krijg een vraag of er bijvoorbeeld granaatsplinter of pinnen/pennen in mijn lichaam zitten. Ik ben blij dat ik op dit soort vragen met een nee kan antwoorden.
Ik loop vanaf de fietsenstalling naar het treinstation en ik probeer bewuster en netter te lopen. Het lopen gaat inderdaad goed. De zon verwarmd mijn gezicht en er staat fijne muziek op mijn i-pod.
Op het perron aangekomen zie ik dat de aangekomen trein goed vol zit. Ik heb nog tijd om de andere wagons te pakken, dat gaat huppelend gepaard. Rennen lukt mij niet meer. Bij elke treindeur staan mensen in de doorgang. Ik versnel mijn pas en wil een stelletje passeren. Dan ineens merk ik dat mijn slechtere been een stuk naar achteren bengelt. In een split second weet ik dat dit foute boel is. Ik probeer een van het stelletje te grijpen en grijp mis. Zo zit ik ineens op de grond en zie dat een stuk beenbot ter hoogte van mijn heup tegen mijn broek aandrukt. (Niet doorheen) Passagiers lijken door te lopen. Ik hou mijn knie met beiden handen vast. Ik wacht telkens op de pijn die komen moet. Ik hoop dat er iets uit de kom is geschoten, maar zoals ik dit het zie vanuit mijn gezichtspunt is het een stuk ernstiger dan dat. Word wakker denk ik. Word nou wakker. Niets is waar.
Ik vraag aan een oudere mevrouw die staat te kijken of zij de ambulance kan bellen omdat mijn beenbot gebroken is. Zij kijkt mij aan zegt dat zij geen telefoon heeft en blijft staan. Een andere jongen spreek ik aan. En vraag hem dringend voor mij te bellen. Hij lijkt te aarzelen. Gelukkig hij belt het alarmnummer. De oudere vrouw loopt richting de uitgang. Ondanks het station vrij leeg is, lijkt verder weinig mensen om mij te bekommeren. Terwijl de jongen telefoneert staan er in een korte tijd; NS personeel, politieagenten en niet veel later een ambulancezuster om mij heen gecrickeld.
Iedereen vraagt wat er is gebeurd en ik vertel telkens wat er aan de hand is? Ik wil bijna cynisch zijn door te zeggen vraag het maar aan die en die.
De ambulancezuster schrikt en laat overduidelijk merken dat het foute boel is. âEn bedanktâ zeg ik dan. Ze blijft rustig en zegt dat ik aan zoân botbreuk eraan kan overlijden.
âHeb je geen pijnâ vraagt de zuster dan? â âNee, niets eigenlijkâ. Ik denk constant dat ik in stress of trauma zit en dat de pijn ineens komen gaat. En die gaat heel heftig worden, vertelt de zuster. Maar, je krijgt iets toegediend waardoor je in een roesje komt en de pijn minder gaat voelen. Ik glunder te bedenken dat ik nu aan de ketamine ga en zo meteen naar een ketahole wordt gezogen. Ik hoor net nog de term fentamyle. Dat moet ik onthouden. Ik krijg het middel toegediend door een beginnende ambulancebroeder. Die niet communiceert met de zuster hoeveel hij mij heeft toegediend.
âMerk je al ietsâ vraagt de zuster. Ik grinnik in gedachte weer. Dat heb je vaak met drugs, mensen die zeggen âof je al iets merkt en dan nee zeggen en dan kickt het eens in.
Ik merk nog steeds niets en wil bijna mijn stoere mond opentrekken dat ik ongevoeliger voor drugs ben geworden. Ik hou mijn mond. Ik moet van haar diep ademhalen en ik doe mijn best. Na vijftien diepe teugen merk ik dat er iets gaat veranderen. Ik heb geen idee wat ik ga meemaken. Ondertussen hebben agenten een lijn om mij heen gevormd tegen pottenkijkers.
Het omgevingsgeluid vertraagt voor enkele minuten. Ik hoor een lange bromtoon die ik lijkt te herkennen als ik net uit een narcose ben gekomen. Ik word geholpen bij het platliggen op de tegels. âDit gaat pijn doenâ zegt de zuster. Mijn been wordt ook plat gelegd. Nog steeds ervaar ik geen pijn.
Wat een heerlijk gevoel is dit. Zo zalig. Het voelt licht aan en ik denk helemaal niet aan zorgen of de pijn die komen gaat. Ik ben bij mijn positieve en ondertussen word mijn mooie broek opengeknipt. Terwijl ik die ochtend nog dacht. Zal zonde zijn als deze broek kapot zou gaan. Ik kan beter mijn andere oude broek vandaag aantrekken.
Om mij heen is men druk in de weer. Ik word op een groot doek gelegd en acht hulpverleners hijsen mij naar de brancard. âIk weeg maar 57 kgâ zeg ik nog. Het optillen en het neerstrijken op de brancard geeft het gevoel dat ik vlieg. Ik moet mij zo ontzettend inhouden om geen gekke geluidjes produceren. Het voelt zo lekker aan. Anders de de meeste drugs waarmee ik bekend ben. Ik maak fluisterend mijn excsues tegenover de ambulance medewerkers omdat ik een aantal keren zeg 'dat het zo fijn is'. Zij rijden met mij naar de lift. Onderweg lijkt een deel van mijn lichaam achter te blijven en dat gedraaid terwijl mijn andere helft naar voren beweegt.
In de liftscabine word zoiets tegen mij gezegd. âN, er is een vriend hier voor je.â
Ik snap er niets van. Zijn de medewerkers mij nu voor de grap aan het uittesten? Zo hard trip ik helemaal niet hard. Ben ik in de tussentijd flauwgevallen?
De liftdeur gaat open en ik zie inderdaad een vriend met een mondkap voor mij staan. We praten snel even bij en dan brengen de ambulancemedewerkers mij met sirenes naar het ziekenhuis. Nadat ik mijn ouders aan de telefoon heb gesproken raakt de trip tegen haar einde. En dan begint het besef wat er allemaal gaat gebeuren en maak ik mezelf ontzettend kwaad en angstig over de toekomst. Bang dat ik nog minder goed kan lopen, weer uit de running, weer jarenlang trainen en misschien niet meer kunnen huppelen en of dansen.
Het aankomende Psychedelic Rave in de Maassilo waar ik al twee jaar op wacht komt in het water te vervallen.
Enfin, operatie gelukt met een stalen pin en al. Nu op krukken en weer beginnen met trainen. En dan maar hopen dat er niets verder is beschadigd.
#3
Jeetje hee, wat een avontuur. đł
Heb je nog een idee hoe die botbreuk zo abrupt heeft kunnen gebeuren? Kan dat komen door die verschillende operaties?
En blij dat je nog leeft, hopelijk is het herstel plus revalidatie voorspoedig en volledig!
#4
Dit is niet bepaald een verhaal voor tijdens het ontbijt. Toch gedaan..
Jezus wat stom ik ging helemaal slecht op het lezen en toen werd ik wat blijer toen je zo goed ging op die medicatie.
Om vervolgens weer uit die bubbel te vallen wanneer het uitwerkt en de bittere realiteit weer onder ogen moet zien.
Goed geschreven wel heel veel succes iig en ik ben super benieuwd naar je herstal.
#6
Beterschap! â€ïž
#7
Hey dat klinkt bekend, volgends mij kreeg ik dat spul ook toen ik mijn kruisband gescheurd had bij voetbal. Geen pijn gevoeld die dag. Echter die maanden van revalideren had ik liever geskipped. Heel veel beterschap!
#8
Dat klinkt pijnlijk
#9
Herstel gaat de betere kant op. Dank.
Over 5 weken wordt er een scan van mijn botdichtheid oid gemaakt.
Het been dat gebroken is, daar zijn een aantal spieren en zenuwen uit een andere operatie verwijderd. Mogelijk hebben de spieren de verdraaiing van het been niet kunnen opvangen.
De NS heeft een mooie bos bloemen bij mij thuis laten bezorgen.
Een reactie plaatsen
Je moet ingelogd zijn om te kunnen reageren op dit onderwerp.