Ben een kind van Nederlanders maar heb mijn jeugd in Colombia doorgebracht.
Als ik zeg dat ik in Medellin woorde en Escobar een huis vlak bij het onze had, krig ik al snel de reacties "Na de maaltijd komt daar zeker de pot coke op tafel?" en "Het is daar vast spotgoedkoop?".
De enige keer dat ik drugs zag, buiten de beelden op het jounaal van soldaten die pakken poeder met benzine overgoten en in de hens stakenen, was toen mijn vriendjes me een por gaven en wezen naar het bushokje vlak bij huis: "He kijk, daar zit iemand "basuca" te roken!"
Basuca, dat wist ik inmiddel al, was de "poor man's drug": als je van coca blaadjes coke maakte hield je een drapje over waar sommige sloebers zich leip aan rookten.
Snoven de Colombianen zelf eigenlijk wel? Of "haalden zij hun neus op" (
![:grin:]()
) voor dat goedje waar de "gringo's" zich de vernieling mee in hielpen? Ik was een kind en ik weet het niet.
Wie is hier in Colombia geweest (de toerst, de missionaris, de ontwikkeingswerker, de drugshandelaar...) en kan mijn zijn/haar ervaringen mbt het cocaine gebruik van de Colombianen uit eerste hand vertellen?